He-le-maal alleen zit ik in de monumentale zaal van Paradiso. Naast mijn gemakkelijke fauteuil heeft een barman in houthakkershemd een tafeltje geplaatst, zodat ik chips, bier en sigaretten binnen handbereik heb. Het podium heeft wel wat van een huiskamer. Onder een projectiescherm staan twee banken, de een wat groter dan de ander, en een gemakkelijke stoel in een gezellige opstelling bijeen.

Martin Bril kijkt me indringend aan. Niet echt natuurlijk, want de schrijver is nu op de kop af vijf jaar dood, maar hij kijkt in de lens en op het witte doek heeft dat een soortgelijk effect. Ook ben ik niet écht alleen bij de voorpremière van Enfin, de documentaire van Coen Verbraak over Bril. Mijn vrouw zit naast me en de zaal zit mudvol, maar omdat Bril zelf er een handje van had de figuratie uit zijn columns te gummen wil ik dat ook eens proberen. En het is wel zo rustig.

Enfin, na de vertoning blijf ik dus helemaal alleen achter met een onbestemd, maar knagend gevoel. Verbraak portretteert een kant van de meestercolumnist die mij bij zijn leven en welzijn moet zijn ontgaan. Ik steek nog een sigaret op, maar dat helpt niet; het gevoel blijft onbestemd en ook het knagen wordt er niet minder op. Net als ik de barman wil vragen om nog een biertje ontstaat er deining in de coulissen. Een voor een komen vrienden van Martin het podium op, mensen die ik zojuist nog allemaal op het scherm over Bril heb zien praten.

Pieter Broertjes, de vleesgeworden Volkskrant, nestelt zich behaaglijk op de bank tussen Barbara van Beukering en schrijfster Corine Koole. Coen Verbraak laat zich met een zucht in de kussens zakken van de andere bank en Varagids hoofdredactrice Cécille Koekkoek neemt plaats op de armleuning van de nochtans comfortabel ogende stoel. Ik begrijp de bedoeling: we gaan napraten – en dat is geen moment te vroeg.

Stuk voor stuk komen de grote thema’s weer voorbij. Hoe Henk Spaan Bril zag vervallen in het gebruik van maniertjes en Matthijs van Nieuwkerk met spijt constateerde dat Martin nergens rust vond. De conclusie van Mai Spijkers, Atte Jongstra en Dirk van Weelden dat hun vriend en collega gebukt ging onder het besef dat hij te laat was begonnen, en moest inhalen op het leven wat er nog in te halen viel. Barbara, die als werkgever en buurvrouw van de geplaagde schrijver vaststelt dat hij niet gelukkig was. ‘Ondanks alles’, herhaalt ze haar eigen woorden uit de film.

Daar, nu doet ze het weer. Ik dacht het op het doek al te zien, maar nu weet ik het zeker. Ik sta op uit mijn gerieflijke zetel en loop op het gezelschap toe. Pauzeknop indrukken, laatste woorden terugspoelen. De uitdrukking op het gezicht van Martins voormalige hoofdredactrice. Ik bekijk haar vanuit verschillende hoeken. Eindelijk weet ik waar dat onbestemde gevoel vandaan komt.

Het is de blik in de ogen van Barbara, op het moment dat ze vaststelt dat Martin niet gelukkig was. Alle anderen zeggen dat ook, maar zij kijkt erbij, alsof ze zich dat voor het eerst en met aan verbijstering grenzende verbazing realiseert. Geacteerd is het niet, of er is een onvoorstelbaar talent aan haar verloren gegaan. Ondanks het succes, het mooie huis, de fijne vrouw en dochters, was Martin niet gelukkig. Ik zie de pijn in haar ogen en eerlijk waar, ik voel hem ook.

Ik laat de pauzeknop los en het gezelschap keuvelt verder. Maandag komt de documentaire op TV. Ik neem me voor dan nog eens aandachtig te kijken, al was het maar vanwege het duo Bart Chabot en Ronald Giphart. Hen heb ik helaas uit deze column moeten schrijven, omdat Martin dat ook zou hebben gedaan.

Martin Bril – Enfin. Maandag 21 april, Nederland 2, 22:30 uur.

‘Enfin’ werd eerder gepubliceerd op The Post Online.